Werken waar je wilt
De Eerste Kamer behandelt aanstaande dinsdag de wet ‘Werken waar je wilt’. Als het enthousiasme over de wet in de senaat net zo groot is als in de Tweede Kamer, is thuiswerken binnenkort een recht.
>>> Bekijk hier het artikel op fd.nl
Waarom is dit relevant voor mijn OR?
Als de wet na de behandeling in de Eerste Kamer wordt aangenomen is thuiswerken een recht. In de praktijk hebben veel bedrijven voor thuiswerken inmiddels een regeling opgesteld. De coronaperiode heeft hieraan flink bijgedragen. Maar alle bedrijven die nog niet hebben nagedacht over regels over thuiswerken, zullen straks wellicht ook aan de slag moeten.
Ondernemingsraden zijn een actieve partij bij dit onderwerp. Het initiatiefrecht (artikel 23 WOR) geeft OR-en de ruimte om dit onderwerp op de agenda met de bestuurder te zetten en om een voorstel te doen.
Ook het instemmingsrecht (artikel 27 WOR) is hier op meerdere manieren aan de orde. Denk bijvoorbeeld aan de werktijden (arbeids- en rusttijden) bij thuiswerken (artikel 27 lid 1b). De werktijden kunnen bijvoorbeeld flexibeler worden als de aard van het werk dat toelaat. Denk ook eens aan de arbeidsomstandigheden (artikel 27 lid 1d). Thuis dient de werkplek te voldoen aan richtlijnen om gezond en veilig te kunnen werken. En ook op het werk zullen aanpassingen worden gedaan als flex- en overlegplekken. Of een aanpassing van het beoordelingssysteem (artikel 27 lid 1g) waarbij bijvoorbeeld afspraken worden gemaakt over resultaatgericht werken omdat medewerkers meer op afstand werken. Of een aanpassing van regels omtrent het werkoverleg (artikel 27 lidi) omdat het plannen van overleg anders verloopt als medewerkers van een team of afdeling (deels) thuiswerken. Maak als OR dus werk van thuiswerk.

