vrijdag 9 december 2022

Tegenspreken ipv meebewegen

Nee zeggen en tegensprekenIn elke vergadering waar de OR bij betrokken is speelt de vraag wat het goede besluit is voor de medewerkers en de onderneming. Wat is het verschil met een ‘slecht’ besluit? Hoe kan je voorkomen dat een slecht besluit uitgevoerd wordt? Daarvoor dien je de bestuurder tegen te spreken. Goede bestuurders weten dat ze hun tegenspraak dienen te organiseren omdat in hun positie een tegengeluid nauwelijks voorkomt. 

Tegenspreken is spannend vanwege de machtsverhoudingen. Naast OR-lid ben je tevens werknemer en het is lastig om het verschil in macht niet te voelen als je als OR-lid spreekt. Toch is het voor het functioneren van een organisatie belangrijk dat het gebeurt, dat een OR-lid zich vrij voelt dit te kunnen doen en dat de ontvanger hiervoor open staat. 

De OR kan tegenmacht organiseren door gebruik te maken van het instemmingsrecht, het adviesrecht, het initiatiefrecht en het recht naar de rechter te stappen bij bezwaren tegen een besluit van de directie of bestuurder. Dat zijn allemaal wettelijk vastgestelde rechten in de rechtsstaat. Deze rechten zorgen voor een beperking van de macht van de bestuurder. 

Tegenmacht kan risico's met zich meebrengen voor de OR en daar moet je tegen kunnen. Zo kan het zijn dat OR-leden worden gemaand te versnellen in een besluitvormingsproces of de OR wordt uitgenodigd voor een overleg om mondeling uitleg te ontvangen waarom men gekomen is tot zus of zo’n advies of het onthouden van instemming. De OR wordt in zo’n gesprek vaak verleid mee te bewegen. 

De rechtsstaat stelt wetten op om de zwakkeren en mensen die het goede doen te beschermen. Die rechtsstaat staat tegenover wetteloosheid. En daarom moet in de rechtsstaat elke misdaad aangepakt worden. De zo omarmde vrijheid wordt dus door de wet gereguleerd. Ook individuele vrijheid is door de wet bepaald en al die wetten moeten worden gehandhaafd. Wetten gelden voor alle burgers, en dus ook voor bestuurders.

Als er te weinig tegenmacht is overheerst de macht en dat pakt altijd verkeerd uit. Zo ook met Peter R. de Vries. Schijnbaar kwam de georganiseerde tegenmacht waar Peter R. de Vries zich voor inzet voor de georganiseerde misdaad te dichtbij en dus werd er hard ingegrepen. Het is eenvoudiger om 1 persoon op te jagen dan een hele gemeenschap. De tegenmacht die Peter R. de Vries kon organiseren is onvoldoende om de georganiseerde misdaad in het gareel te krijgen.  

Gelukkig is er voor de OR minder dreiging dan voor Peter R. de Vries. Bepaalde zaken kan de ondernemingsraad langs zich heen laten gaan. Maar de OR kan wel lessen trekken uit de werkwijze van Peter R.de Vries. Blijf volharden, gebruik met regelmaat tegenspraak en zet tegenmacht in als het écht nodig is. De wetgever ziet de OR als tegenmacht. Leden van de OR zijn daarom wettelijk beschermd tegen machtsmisbruik zodat zij vrij kunnen spreken.