woensdag 2 december 2020

Samen sterk tegen corona. Hoe dan?

De redactie van de vragenservice beantwoordt wekelijks vele vragen van leden. Q&A bevat een selectie van de meest gestelde vragen.

fitness op het werk

 Beste redactie,

Wij hebben als bedrijf op verschillende manieren te maken met corona. Er worden allerlei maatregelen genomen om veilig te kunnen werken en daar worden we bij betrokken.

Maar we merken ook dat het werk terugloopt. Klanten plaatsen minder opdrachten of zeggen die af. Als we daar naar vragen bij het management dan krijgen we geen helder antwoord. We moeten afwachten, er wordt gewerkt aan plannen. Als we dan vragen wat die plannen dan zijn komt er geen antwoord. Of we krijgen antwoorden als: ‘We zijn er mee bezig, laat ons nou eerst gewoon ons werk doen’.

We maken ons wel zorgen want als we nog langer met corona te maken hebben wat betekent dat dan voor het werk? Wat is verstandig in deze? Wat is nu onze rol? Of zijn we te veel aan het pushen en moeten we gewoon wat meer geduld hebben?

Met vriendelijke groet,

De OR

Beste OR,

Geduld is een schone zaak maar nu even niet. Als jullie inschatten dat corona een behoorlijke impact heeft of zal hebben op de werkzaamheden van jullie bedrijf dan is het logisch dat jullie willen weten hoe het ervoor staat en hoe het verder moet. Waar jullie tegenaan lopen is een verschil tussen theorie en praktijk.

Eerst de theorie. De taak van de OR is om een bijdrage te leveren aan het goed functioneren van de onderneming (doel OR: artikel 2 lid 1 WOR). Er zijn verschillende zaken wettelijk geregeld om ervoor te zorgen dat de OR kan bijdragen aan het goed functioneren van de onderneming.

Allereerst is in de WOR vastgelegd dat de bestuurder verplicht is om jullie twee keer per jaar bij te praten over de algemene gang van zaken in de onderneming o.a. op basis van de (financiële) cijfers (algemene gang van zaken: artikel 24 lid 1 WOR). Dit overleg heeft als doel om voor jullie inzichtelijk te maken welke besluiten en plannen er in voorbereiding zijn waar de OR over om advies (onderwerpen: artikel 25 lid 1a t/m lid 1n) of instemming (onderwerpen: artikel 27 lid 1a t/m lid 1l) moet worden gevraagd.

De bestuurder is verplicht om jullie alle informatie te verstrekken die nodig is om te komen tot een goed advies of instemming op basis van artikel 25 en artikel 27.

Verder behoren jullie alle informatie te krijgen waar jullie om vragen, zolang jullie uit kunnen leggen dat de informatie nodig is voor het vervullen van jullie taak als OR (informatierecht: artikel 31 lid 1 WOR). Ook als jullie een (internationaal) concern zijn behoort de bestuurder jullie te informeren over de plannen vanuit het hoofdkantoor.

Mogelijkheden genoeg dus. En dan nu de praktijk…

Jullie geven aan geen informatie te krijgen over de plannen en veranderingen die nodig zijn voor een gezonde toekomst van de onderneming. Dat spoort dus niet met bovenstaande theorie. Vanuit de WOR zou de OR juist vroegtijdig betrokken moeten worden bij de plannen. Daarmee wordt namelijk voorkomen dat wanneer de OR om advies of instemming gevraagd wordt een ‘vertragende’ factor wordt. Maar goed zo gaat het dus (nog) niet bij jullie.

Hoe dat komt? Ik zie in de praktijk veel bestuurders die graag eerst hun ‘eigen’ plannen helder willen hebben (al dan niet samen met het managementteam) voordat ze de OR erbij betrekken. Vanuit de klassieke managementopvattingen maakt de bestuurder de plannen en neemt hierover besluiten. Dat is wat men gewend is en dat voelt veilig. Bestuurders leven nogal eens in de veronderstelling dat zij zouden moeten weten wat het beste is voor de onderneming. Maar in deze tijd waarin alles op zijn kop staat en we afstevenen op een economische verandering die zijn weerga niet kent werkt deze aanpak niet. De winkel moet worden verbouwd (en snel) en dat terwijl de winkel met alle onhandige aanpassingen openblijft. Daarvoor is alle inzet en hulp nodig die er beschikbaar en daar voorziet de WOR al jaren in.

Wat je kunt doen is aan de bestuurder toelichten dat je begrijpt dat er grote veranderingen op komst zijn en dat je juist nu wilt meedenken om vertraging in de besluitvorming verderop in het traject te voorkomen. Je kunt de bestuurder eventueel wijzen op de wetsartikelen die hierover gaan, maar start daar niet mee in het gesprek. Realiseer je dat je met het benoemen van wetsartikelen een gevoelig punt raakt. Hoe veel je ook in je ‘gelijk’ staat, het staat een open gesprek in de weg. Bestuurders zijn verantwoordelijk voor het nemen van de juiste beslissingen en als de OR zich er vanuit de wettelijke regels mee bemoeit kan dat voelen als inmenging in hun zaken en dat is ‘bedreigend’.

Waar het dus om gaat is dat je zonder op de tenen van de ander (lees bestuurder) te gaan staan laat zien wat je rol is als OR. Nou kan je met anderhalve meter afstand moeilijk op iemands tenen gaan staan maar je begrijpt wat ik bedoel ;-). Leg uit dat je niet ‘tegen’ bent maar juist mee wilt helpen om ervoor te zorgen dat de onderneming deze moeilijke tijd door komt (want dat is het doel volgens artikel 2 van de WOR). Leg ook uit dat je begrijpt dat hiervoor waarschijnlijk in-populaire besluiten en pijnlijke maatregelen nodig zullen zijn en dat je wilt helpen om er voor de onderneming en de werknemers het beste van te maken. Samen tegen Corona dus!

PS. Werkt het niet dan kan je altijd nog het wetboek op tafel leggen en je spierballen tonen als OR want wet blijft wet, ook in tijden van corona.

Met vriendelijke groet,

De redactie